Artikelen / Voorkom dat geldzorgen eindigen in faillissement
Artikel

Voorkom dat geldzorgen eindigen in faillissement

De omzet daalt en de schulden lopen op, maar het tij keert vast wel. Wie zo naar financiële problemen kijkt, wacht vaak te lang. Zonde, want de opmars van onderhandse afspraken biedt steeds meer mogelijkheden om een onderneming overeind te houden.

Volgens partners Jeroen Tulfer, Michiel Peeters en Ralph Geelen draait het daarbij vooral om timing. ‘Je moet het dak repareren als de zon schijnt.’

De drie advocaten zijn onderdeel van het team Financiering & Herstructurering en zijn gespecialiseerd in insolventierecht: het rechtsgebied dat onder meer gaat over ondernemingen die niet meer aan hun financiële verplichtingen kunnen voldoen. Daarnaast zijn ze ook curator en weten ze precies wat er gebeurt als een bedrijf failliet gaat en welke gevolgen dat heeft voor ondernemers, werknemers en schuldeisers. Die ervaring helpt hen om eerder goede afspraken te maken en waar nodig in te grijpen. ‘We weten wat er gebeurt als een onderneming insolvent raakt’, vertelt Michiel. ‘Die kennis gebruiken we om ondernemers eerder te adviseren en te kijken hoe we kunnen voorkomen dat ze in zo’n situatie belanden. Dat noemen ze ook wel de rescue culture: bedrijven helpen op het moment dat er nog genoeg mogelijkheden zijn.’

Gezonde bedrijven overeind houden

De verschuiving past bij een bredere ontwikkeling. De wetgever wil levensvatbare ondernemingen behouden. Dat is niet alleen belangrijk voor ondernemers en hun personeel, maar ook voor de schuldeisers en de economie. ‘Het is voor Nederland goed als gezonde bedrijven in stand blijven’, zegt Jeroen. ‘Als je een onderneming kunt redden, blijft werkgelegenheid behouden en kunnen schuldeisers vaak nog een deel van hun geld terugkrijgen. Dat vraagt wel dat je op tijd onderzoekt wat er mogelijk is.’

WHOA maakt onderlinge afspraken mogelijk

Financiële problemen worden steeds vaker opgelost met afspraken tussen de onderneming en haar schuldeisers, in plaats van via een formele procedure bij de rechter. Partijen hebben daarbij veel meer autonomie gekregen. De Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA), die sinds 2021 bestaat,  heeft die omslag mede mogelijk gemaakt.

‘Met de WHOA kan een onderneming, die in de kern gezond is, haar schulden herstructureren door schuldeisers een akkoord voor te stellen’, legt Michiel uit. ‘Als aan de wettelijke voorwaarden wordt voldaan, kan de rechter dat akkoord goedkeuren. Onder bepaalde omstandigheden geldt het dan ook voor schuldeisers die niet instemmen.’ Vroeger kon één dwarsliggende schuldeiser een hele sanering blokkeren. Nu dat niet meer kan, zijn partijen eerder bereid om water bij de wijn te doen.

Ralph ziet daar vooral voordelen in. ‘Uiteindelijk willen schuldeisers hun geld terug. Bij een faillissement is het vaak onzeker hoeveel ze nog ontvangen. Als je eerder om tafel gaat, kun je bekijken of een deel van de schuld wordt betaald en de onderneming met aangepaste afspraken verder kan.’ Wel moeten de belangen van alle betrokkenen worden meegewogen. Niet iedere schuldeiser heeft dezelfde kennis of onderhandelingspositie. De WHOA bevat daarom richtlijnen om schuldeisers te beschermen. Jeroen: ‘Je moet goed kijken wie er aan tafel zit en kijken of de belangen van alle partijen voldoende worden meegewogen. Onderhandelen biedt ruimte om tot een oplossing te komen, maar dat betekent niet dat alles kan.’

Akkoord met schuldeisers zonder rechter

Hoeveel dat kan opleveren, blijkt uit een herstructurering waarbij Boels Zanders een onderneming met een grote schuldenlast bijstond. De problemen waren door corona ontstaan en op een gegeven moment kon de onderneming de aflossingen en rente niet meer dragen. Naast een financiële herstructurering, vond er ook een operationele en personele reorganisatie plaats. ‘Het was een ingewikkeld traject, ook omdat er meerdere vennootschappen bij betrokken waren’, zegt Ralph. ‘In totaal ging het om meer dan 250 stakeholders. Uiteindelijk hebben alle schuldeisers vrijwillig ingestemd met het akkoord. Ze moesten een deel van hun vordering laten vallen, maar het andere deel werd wel betaald en de onderneming kon daardoor verder. We hoefden voor dit schuldenakkoord niet naar de rechter, omdat iedereen was overtuigd van de noodzaak en het er mee eens was.’ De onderneming bestaat nog steeds en de werkgelegenheid bleef behouden. ‘Zonder die afspraken was de onderneming er waarschijnlijk niet meer geweest.’ Deze uitkomst was zowel voor de ondernemer als schuldeisers gunstiger dan een faillissement.

Europese regels in beweging

Ook op Europees niveau verschuift de aandacht. De Europese Unie wil delen van het insolventierecht in de lidstaten beter op elkaar afstemmen. De nieuwe richtlijn moet uiterlijk 22 januari 2029 in Nederlandse wetgeving zijn omgezet. Het doel is onder meer om investeerders meer duidelijkheid te geven over wat er gebeurt als een onderneming binnen de Europese Unie in financiële problemen komt. Jeroen: ‘Op dit moment heeft elke lidstaat zijn eigen regels en is het lastig om te weten welke risico’s je loopt. Als die regels meer op elkaar lijken, wordt dat voorspelbaarder en dat maakt het aantrekkelijker om over de grens investeren.’

Een van de onderdelen in die richtlijn is de pre-pack: een faillissement dat vooraf in stilte wordt voorbereid, zodat de onderneming direct een doorstart kan maken en daarmee waarde kan worden behouden. ‘In Nederland is dat al eerder in de rechtspraak ontwikkeld, maar nooit wettelijk geregeld’, zegt Ralph. Het wetsvoorstel ligt sinds 2016 stil bij de Eerste Kamer. ‘Nu verplicht deze richtlijn de lidstaten om het in te voeren.’ Want soms is de vennootschap niet meer te redden, maar de onderneming wel. ‘In een gewoon faillissement worden alle bezittingen snel minder waard, ten koste van schuldeisers. Bij een pre-pack bereid je een doorstart in relatieve stilte voor. Dat kan helpen om de waarde van een onderneming en werkgelegenheid te behouden. Dit is cruciaal voor ondernemingen waarbij continuïteit van groot belang is. Denk daarbij aan maatschappelijke ondernemingen, ondernemingen met bedrijfsgevoelige processen of ondernemingen met een sterk merk.’

‘Je moet het dak repareren als de zon schijnt, niet wachten tot het water naar binnen loopt.’

Herken de rode vlaggen

Ondernemers moeten vooral niet wachten tot de problemen te groot zijn. Sterker nog: als je eenmaal in liquiditeitsnood zit, is het te laat voor een WHOA-procedure. ‘Een WHOA kost tijd en dus geld’, waarschuwt Michiel. ‘Tijdens dat traject moet je je lopende verplichtingen kunnen blijven betalen. Soms komen bedrijven voorbij waarbij een herstructurering mogelijk was geweest, maar waarbij te lang is gewacht.’ Niet zo gek, want ondernemers zijn van nature optimisten, zegt hij. ‘Ze hopen bijvoorbeeld dat er volgende week een grote opdracht binnenkomt of dat de situatie vanzelf verbetert. Schaamte speelt ook mee: toegeven dat het financieel niet goed gaat, is moeilijk.’ Vertrouwen is daarbij de sleutel. ‘Heb je al tien keer toezeggingen gedaan die je niet bent nagekomen, dan is een goed gesprek met de schuldeisers veel moeilijker.’

Ralph noemt een aantal signalen die ondernemers serieus moeten nemen. ‘Denk aan omzet die structureel terugloopt, betalingsachterstanden die oplopen of geld dat je steeds opnieuw in de onderneming moet steken. Wacht niet tot het echt misgaat. Als je ziet dat de markt verandert of dat opdrachten teruglopen, maak dan samen met je accountant prognoses en verschillende scenario’s. Wat doe je als het tegenvalt? Welke keuzes heb je dan nog? Je moet het dak repareren als de zon schijnt, niet wachten tot het water naar binnen loopt.’

Vooruitdenken begint volgens Michiel niet pas als de eerste rekeningen blijven liggen. Ook bij de start van een onderneming is het verstandig om stil te staan bij mogelijke tegenvallers. ‘Je kunt vooraf nadenken over wat er gebeurt als de markt verandert, bijvoorbeeld door ontwikkelingen zoals AI, of als je bedrijf minder goed gaat draaien. Als je dat vooraf goed regelt, sta je later sterker.’

‘Als je een onderneming kunt redden, blijft werkgelegenheid behouden en kunnen schuldeisers vaak nog een deel van hun geld terugkrijgen.’

Dat betekent niet dat ondernemers meteen een groot herstructureringstraject moeten beginnen. Een eerste gesprek met de accountant of financieel adviseur kan al helpen om de risico’s in beeld te brengen. Michiel benadrukt dat een herstructurering zelden een klus is voor één adviseur. ‘Je hebt juridische kennis nodig, maar ook een goede financiële adviseur, accountant en soms een fiscalist. Samen bekijk je wat er aan de hand is en welke mogelijkheden er zijn.’

Daar ligt volgens de drie advocaten van Financiering & Herstructurering de kern van de rescue culture. Niet wachten tot een faillissement dichterbij komt, maar eerder bespreken wat er nodig is om de onderneming gezond te houden. Jeroen: ‘We kunnen ook aan de voorkant meedenken, zodat je problemen voorkomt of er eerder op kunt reageren. Hoe meer ruimte er nog is om keuzes te maken, hoe groter de kans dat je de onderneming op de rit houdt.’

Beheer mijn cookies

Om ervoor te zorgen dat de website bz.nl goed functioneert, maakt Boels Zanders NV gebruik van technieken waarbij persoonsgegevens worden verwerkt, zoals cookies. Op de website bz.nl maken we onderscheid tussen functionele en niet-functionele cookies.

Functionele cookies (noodzakelijk)

Functionele cookies plaatsen we altijd. Deze zijn namelijk noodzakelijk om de website goed te laten werken. Deze cookies verwerken geen persoonsgegevens.

(Altijd actief)

Analytische cookies (optioneel)

Deze niet-functionele analytische cookies verwerken persoonsgegevens buiten uw gezichtsveld. Daarom vragen wij altijd uw toestemming voor wij deze cookies plaatsen. Analytische cookies hebben allerlei verschillende doeleinden, maar stellen ons vooral in staat om onze dienstverlening te verbeteren.

Als u hiermee akkoord gaat, kunt u gewoon verder gaan. In onze cookieverklaring leest u meer over cookies en u kunt indien gewenst uw cookie-instellingen aanpassen.

Mijn keuze opslaan